Ze noemen ons klanten maar behandelen ons als honden

Het Verdriet van Nederland of: “Dan ben je tenminste lekker bezig.”

Vandaag, na ruim twee mverdriet van Nederland "Ik, Hoegaatie, beschouwer, observator, ethicus, onafhankelijk denker en non-conformist, ben ongewild het bezit van de staat geworden. Dit valt mij zwaar, zoveel is zeker. Sterker nog, er zijn momenten dat ik denk dat ze mij eronder weten krijgen. Dan wil ik instorten, opgeven en de ganse dag wenen om het verlies van menselijkheid."aanden verstrikt zijnde in het door de Gemeente Rotterdam en haar werkbedrijven geschapen web, vele inspanningsafspraken en sollicitaties later, mocht ik dan uiteindelijk mijn eerste echte mens ontmoeten en hij bood mij zowaar zijn luisterende oor. Dit doet mij deugd! Hoewel dit mijn problemen niet oplost en mijn gewetensbezwaren niet temperen zal. Doch zijn geste deed mij goed, maar ik wil gewoon een (bij)baan!

Ruim tien jaar lang heb ik mijn hoofd als kunstenaar/zzp’er boven water weten te houden maar heden, ten tijden van zwaar financieel weer, speelt mijn aangeboren drang tot autonomie mij parten.

Ik, Hoegaatie, beschouwer, observator, ethicus, onafhankelijk denker en non-conformist, ben ongewild het bezit van de staat geworden. Dit valt mij zwaar, zoveel is zeker. Sterker nog, er zijn momenten dat ik denk dat ze mij eronder weten krijgen. Dan wil ik instorten, opgeven en de ganse dag wenen om het verlies van menselijkheid.

Zelfs de gedachte, dat ik liever sterven wil dan mij te moeten conformeren aan een systeem welke de mijne niet is, kwam al eens bovendrijven. Vrees niet, het is slechts een dramatisch aangedikt spinsel welke niets met de werkelijkheid van doen heeft. Daarentegen, dit zijn wel de overpeinzingen die mij in al mijn boosheid doen grijpen naar de wapens die ik beheers, het woord en het (bewegende) beeld. In dit geval het woord.

Hiermee kan ik terugslaan, hiermee kan ik mij wreken, hiermee hoop ik ogen te openen en bewustwording te creëren. Want ik wil niet verworden tot één van hen; De data vergarende androïde, de gewetenloze bestuurder, de bevooroordeelde consulent en de inhumane prediker van het failliete stelsel. Zo wil ik niet worden, zo wil ik niet zijn. Hoe kalm, begripvol en deugdzaam ik mijzelf ook beschouw, ik zal de vriendelijkheid van mijn toon niet altijd even goed kunnen behouden.

Ik deel met u een beleving uit velen. Van het prille begin, de aanvraag van een bijstandsuitkering, tot het nu. Van het Werkplein naar het Regionaal Bureau Zelfstandigen en terug. Van het mij gepresenteerde te bewandelen traject, tot het daadwerkelijke traject wat geenszins leek op hetgeen mij voorgehouden was. Van het kastje en de muur.

Van de nog steeds nalatige toewijzing van een persoonlijke consulent, (Maar liefst vijf verschillende gezichten heb ik al verbruikt, waarvan de laatste niet eens de moeite nam zichzelf voor te stellen) tot de vrouw achter de balie die mij snauwend verweet niet te weten wie mijn consulente nu werkelijk was.

Van het geknoei met de aanvangsdatum van mijn aanvraag tot de het halve oog, wat zeg ik, het één zeventiende oog waarmee men volstrekt ongeïnteresseerd mijn uitgeprinte stapel inspanningsafspraken terzijde schoof, maar evenwel goedkeurde. (Inspanningsafspraken, zelfs mijn spellingscontrole heeft er moeite mee.)

Van de formulieren die mij zonder uitleg of nadere toelichting in de schoot werden geworpen, tot de schijnbaar onmogelijke opgave mijn casus eenduidig te kunnen ordenen. De stroperigheid, de onnodige bureaucratie en de inefficiënte afhandeling van zaken.

Het Rotterdamse Werkbedrijf is een formeel ondoordringbaar fort, bijeengehouden door artikelen, procedures en supplementen. Een papieren bolwerk van een stevigheid, waar de gemiddelde bouwkundige zijn of haar vingers bij aflikken zal. En in deze broeinesten van chagrijn, werken de consulenten. Bij ieder treffen met een andere consulent, diende ik mijn verhaal opnieuw te vertellen.De smoelwerken alleen al, een weinig hoopvolle aanblik.

Wee de zwaartekracht van het stervende gelaat.

Het demotiverende aangezicht van mondhoeken die onderhand zo laag hingen, dat er al enige tekenen van lubberende velletjes aan de zijkant van de kin waarneembaar waren, deed mij zuchten van radeloosheid. Voor de vierde maal alhier aanwezig orakelde ik nogmaals mijn gehele verhaal.

verdriet van nederland2Mij afvragend welke informatie zij de vorige keren dan wel aan hun computers hadden toevertrouwd, daar ze allen non-stop typende waren, gedurende onze zeer onpersoonlijke ontmoetingen. Nu weet ik beter, zij verzamelen enkel praktische data. Geconditioneerd als zij zijn, weten zij een narratieve vertelling te ontdoen van abstracte persoonlijke elementen. Het riekt ernaar dat zij functioneren op een programmatuur van geprotocolleerde trefwoorden. Ik wil graag geloven dat ook zij mensen zijn, die wanneer de tent om 16.30 uur sluit, wederkeren tot hun gezinnen en vrienden. Behoeftig als ieder ander, aan liefde en gezelschap. Maar ik kan mij niet aan de tragische conclusie onttrekken dat het systeem ook hen eronder gekregen heeft. Het vuur heeft hen verlaten en het Kafkaëske monster heeft hen hun ziel ontnomen. “Zo gaat dit nu eenmaal…”

Weer en wind gaan nu eenmaal, menselijk denken en handelen niet. Dit kunnen wij allen rechtzetten, veranderen, aanpassen of zelfs vernietigen als we zouden willen. Het is door ons geschapen en staat hierom niet buiten onszelf. Hoe graag ik het ook in overdrachtelijke zin, als een monster beschrijf, wij zijn verantwoordelijk, wij zijn allen schuldig!

“Zo gaat dit nu eenmaal…” Een dooddoener die ik al een leven lang verfoei, wordt nu zelfs door de Gemeente Rotterdam gebruikt om hun hardelijnsretoriek enige kracht bij te zetten.

Want, een harde lijn is het zeker. Deze gaat zelfs zover dat ze met hun eisen, verplichtingen en verordeningen welhaast de Grondwet en de Universele Rechten van de Mens denken te kunnen ondermijnen. Althans, dit is mijn morele opvatting, daar zij mijns inziens geen enkele burger het recht kunnen ontnemen een eigen bedrijf te starten ofwel te runnen.

Wonderwel eisen ze het bewijs van uitschrijving bij de Kamer van Koophandel in ruil voor een uitkering. Dit kent geen enkel juridisch fundament, maar ze komen ermee weg.

En dan zwijg ik nog over de onbetaalde tewerkstelling waartoe ze de bijstandswerkelozen verplichten. Acht uur per week dient men zich als ‘gast’ te melden bij de Roteb, om werkzaamheden te verrichten welke de stad spik en span zullen houden. Nobel in haar doel en een conveniënte methode om mensen in beweging te houden en onder elkaar te laten zijn. Weet dat ik mij geenszins te goed voel, zulke werkzaamheden te moeten verrichten. Mij als schrijver typerend zou men kunnen veronderstellen dat ik (zwaar) fysiek werk liever schuw en mijn tere toetsenbordvingertjes graag schoon houd, (mijn smerige toetsenbord daargelaten) maar het tegendeel is waar.

Ik ken de bevrediging van hele dagen sjouwen, duwen, scheppen, slopen en ploeteren met de handen. Mijn vrienden weten mij doorgaans dan ook snel te vinden als er geklust, verbouwd, verhuist of gerepareerd dient te worden. Vrijwillig en met veel plezier geef ik dan thuis en bied ik hen welwillend mijn helpende hand.

Slechts gedreven door vriendschap, niet meer niet minder.

Desalniettemin, als ethicus aan wie het leed van de wereld niet achteloos voorbijtrekt, zie ik verdrietig toe hoe deze door de Rotterdamse gemeente bepaalde tewerkstelling niet anders dan je reinste slavernij behelst.

Welbeschouwd wordt onbetaalde arbeid als vrijwilligerswerk gekenmerkt. Uiteraard, een tot het bureau Halt veroordeelde baldadige puber moet zijn schuld middels onbetaald werk inlossen. Doch, dit is een strafmaat, welke een veroordeelde onvrijwillig dient te ondergaan. Een vrijwilliger mag zijn of haar vaardigheden en talenten naar eigen inzicht, al dan niet door idealen en/of altruïsme gedreven, geheel kosteloos in dienst van anderen stellen. Aannemende dat ik de betekenis van het woord vrijwillig niet nader hoef te duiden, betreft het hier een evident zelfstandige keuze.

Het door de Gemeente Rotterdam gebezigde argument, dat men in ruil voor financiële overheidssteun, de samenleving best iets teruggeven mag, klinkt op het eerste gehoor aannemelijk. Zeker wanneer men dit isoleert van de overige verplichtingen waaraan de tewerkgestelde dient te voldoen.

Het schrijven van 5 sollicitaties per week kost mij in ieder geval al meer dan de twintig uur ‘werk’ die het Werkbedrijf de bijstandsgerechtigden oplegt.

Iedere dag sta ik om half zeven op, daar ik door alle onrust en mijn continue malende hoofd de slaap nauwelijks vatten en behouden kan. Lotgenoten kennen deze slopende gemoedstoestand. Je staat ermee op en gaat ermee naar bed.

Rond zevenen in de schemerende ochtend zetel ik mij met mijn tweede kop koffie achter mijn bureau en open het .pfd bestand waarin ik alle clickable links naar vacaturesites, uitzendbureau’s en overige werksites verzameld heb (19 stuks). Mij groen en geel ergerend aan de belabberde UI en de zielloze vormgeving van de meeste van hen, baan ik mij een weg door de meest recente vacatures en oproepen. Gedurende deze zoektocht verzamel ik de voor mij geschikte informatie door gegevens als een malle te copy-pasten naar een overzichtelijk tekstdocument. Deze data dient vervolgens als naslagwerk voor de te schrijven sollicitatie-/motivatiebrieven. Productiewerk pur sang, tot zover.

Toegegeven, zelfs het schrijven van een brief, pak ik op als ware het mijn nog te publiceren eerste roman. Dit is geheel en al mijn defect. Ik ben het die van deze opdracht een onnodig tijdrovende klus maakt. My bad!

Doorgaans vind ik gemiddeld twee ‘passende’ vacatures die mij de moeite van een één A4’tje tellende nouvelle waard zijn. Rond 12.00 uur ben ik voor even geestelijk uitgeput, de werkdag is dan al een uur voorbij het midden. Wel moet ik er zorg voor dragen, niet te vergeten ook nog een beroepspraktijk uit het slop te moeten trekken.

Nu open ik het .pdf bestand met ZZP URL’s. 0,5 geschikte klussen per dag plus enige acquisitie neemt toch al gauw enige uurtjes in beslag. Lunchen doe ik nauwelijks, daar staat mijn hoofd niet naar, veel te veel stress. 14.00 uur, nog even wat formaliteiten aangaande mijn huidige ‘werkgever’, afronden en mijn werkdag zit erop. Wacht, de kunstenaar in mij ontwaakt en spreekt tot mij:”Er moet nog het één en ander veruitwendigd worden. Je weet wel, dat intrinsieke spul in jou, wat jou dwingt je te moeten uiten.” Het schrijven (en visueel experimenteren) gaat verder.

Dit is één der resultaten. Onbetaald en geheel vrijwillig schenk ik u mijn arbeidsuren. (± 16) Uit eigen zak, want formeel zal het systeem deze nooit willen meetellen.

Avondeten Schmavondeten, het schiet er vaak bij in. 21.00 uur. wellicht dat ik mijn malende hoofd even voor de beeldbuis, apathisch te rusten leggen kan. 22.00 uur, toch nog even die laatste Hoegaatie? op facebook publiceren.

girl typing23.00 uur. er zijn nog wat bevriende kunstenaars, programmeurs en designers, die mijn hulp behoeven. Ik stuur ze wel een mailtje waarin ik een beroep zal doen op hun geduld en begrip. Send, en het zoveelste uitstel van onbaatzuchtige medewerking verlaat mijn outbox.

Ik kan het niet opbrengen. De scherpte is er af. Zij hebben er niets aan wanneer ik als een halfdode mijn bijdrage lever aan de door hun geïnitieerde projecten. Ik wil geen half werk leveren, ik ben een specialist en bovenal perfectionist.

 

Naast de nog niet meegenomen door het Werkbedrijf opgelegde 20 werkuren, verschijnen langzaamaan de tekenen van onverwachte nevenverschijnselen. Meer en meer vereenzaam je. Geld voor een avondje in de kroeg met vrienden heb je niet, en je voelt je bezwaard om je door hen te laten fêteren. Al weet je, dat zij hier nauwelijks een probleem van zullen maken. Reaguurders en andere soortgelijke sujetten zullen mij verwijten dat ik dit al toelaat. Nota bene, mede dankzij hun zuur betaalde belastingcentjes.

Deze heb ik immers de laatste jaren niet betaald van de zelfstandig bijeengeraapte grijpstuivers, die ik op eigen kracht heb weten te verdienen. Dank voor uw mededogen. Uw menselijkheid en begrip doen doen mij deugd.

Vrienden die vanuit loondienst werkeloos geraakt zijn, vertelden mij over het gemak waarmee zij middels het internet een WW-uitkering en de hiertoe behorende marginale verplichtingen met het UWV beklonken. Ik hoorde het met stijgende verbazing aan. “De WW is een verzekering, de bijstand is een laatste vangnet.”

De door de eerder vermeldde echte mens stellig uitgesproken mantra spookt door mij hoofd. Een waarheid als een koe, niets tegenin te brengen. Een verzekering die ik als ZZP’er tegen een gemiddelde premie van € 300,- p/m niet opbrengen kan. Maar rechtvaardigt dit het verschil in behandeling van cliënten?

“Iedereen die kan werken moet werken.” In zijn vorm, zo goed als de engste mantra welke ik ooit door een ruimte heb horen schallen. Ik zwijg over de associaties die mij te binnen schieten… Enfin, kennelijk hoeft niet iedereen zich hiervoor evenzo hard in te zetten.

Dat er binnen zo’n overbodig complex systeem met meerdere maten gemeten word verbaast mij geenszins. Het verschil in behandeling des te meer. Niet alleen in hun houding naar cliënten toe, maar vervolgens ook in de bereidwilligheid tot oprechte dienstverlening, zijn de verschillen duidelijk waarneembaar.

verdriet van nederland3De door Werk Loont uitgenodigde voorlichter/teamleider van de Roteb, sloeg de nagel onbedoeld keihard op de kop, door te verraden dat er binnen de muren van de sociale dienstverlening een abusievelijk algemeen aanvaarde gedachte waant.

Ik citeer vrij naar herinnering:”Wanneer jullie niet begaan zouden zijn met de door ons opgelegde verplichtingen, zouden jullie toch maar thuis op de bank zitten. Niets doend.” Gevolgd door de troosteloze inkopper:”Dan ben je tenminste lekker bezig.”

Mijn haren zijn te kort om uit het hoofd te kunnen trekken, maar ik probeerde het toch. Hoorde ik dit nu goed, is dit de blik waarmee de ambtenaren die ons zogenaamd bijstaan, ons bezien. Mijn hart kneep zich samen. Het viel mij in dat ik tot op de dag van vandaag geen weet had van de wereld waarin ik mij nu bevond en moest mijn jarenlange egoïstische onwetendheid onderkennen.

De gelatenheid waarmee ook de eigen werknemers, moeten toelaten hoe het systeem dag na dag faalt in het uitvoeren van haar oorspronkelijk bedoelde humane ambities, raakte mij.

De echte mens schonk mij zijn meest begripvolle blik. De hondstrouwe socialist met z’n vormeloze vest, geruite blouse en vlinderdas. Wetende hoe machteloos wij beiden staan, kan hij niets anders dan de levens van de afhankelijken kleuren met bemoedigende woorden en een luisterend oor. Stilletjes en eenzaam wenend om de minimale bijdrage die hij nog leveren kan. Tijdens ons gesprek wist ik het ook op te brengen heel even naar zijn verhaal te luisteren. Veel ruimte was hier niet voor want ik ratelde maar door, er op toeziend geen detail van mijn malheur onaangeroerd te laten.

In de paar seconden die ik hem gaf openbaarde hij het verdriet van Nederland. Dit ging verder dan de context van het hier en nu. Dit reikte hoger dan de systeemwanden in dit mistroostige bastion. De verademing dat er ook eens naar hem geluisterd werd, deed hem zijn schouders ontspannen en hij vertelde over hoe schokkend hij het vond dat meer dan 50% van de Rotterdamse bevolking graag de bijstand zou zien verdwijnen. Zijn ingetogen noodkreet luidde:”Hoe kun je dit de minder bedeelden en armlastigen aandoen?”

Deze door onderzoek blootgelegde harteloosheid van de mens op straat viel hem duidelijk zwaar. Hij wilde ons huidige politieke bestuur nog aanhalen, maar ik onderbrak hem en nam de praatstoel van hem over. Niet veel later stroomde de ruimte weer vol en beëindigde wij ons gesprek. Ik, twijfelend of ik de nog te verkrijgen overeenkomst van mijn handtekening zou voorzien, hij hopende dat ik de juiste beslissing zou maken.

Na het ondertekenen van het zogeheten trajectplan, -Mijn verzet, protest en/of wraak komt later wel- liep ik nog even op hem toe, schudde hem de hand en bedankte hem met een diepe buiging voor zijn moment van onverdeelde aandacht. Heel even dacht ik hem de krop in zijn keel te kunnen zien verschuiven, en dacht zelfs zijn ietwat natte rechteroog te zien trillen. Hij was nog strijdbaar, maar voor hoe lang? Velen van zijn collega’s zijn al gesneuveld en staan nu aan de andere kant van de balie. Anderen hebben er vanwege psychische klachten de brui aan moeten geven en velen na hen, zullen het onderspit delven.

Met sociale idealen hoeft men bij de Gemeente Rotterdam niet meer aan te kloppen. Geen woorden maar wandaden, lijkt het credo te zijn. Niet lullen maar poetsen, klotehippies. Arbeit macht frei! Of nee, hoe was het ook alweer? Iedereen die kan werken moet werken! Werken bij de Gemeente Rotterdam? Sociopathie is een pré, maar met enkel een verknipt geweten bent u ook van harte welkom. Goedschiks dan wel kwaadschiks, rechtsom of linksom. Black Betty zal u laten dansen naar de pijpen van de heersende macht.

1984, 64 jaar na dato, en kijk eens hoeveel wijzer wij geworden zijn. Een mensheid om trots op te zijn. Whoop Dee Fuckin’ Doo en Franz Kafka draait zich nog maar eens om in zijn graf. En ik, ik rouw, ik lijdt en betreur de afstand die ik neem. Ik verkies immer de positie van observator, op afstand, veilig en solitair. Ik kan niet anders. Voor de tragiek van binnenuit ben ik te zwak. Zulks een leed te moeten aanzien, iedere dag weer, maakt mij droef.

Graag behoud ik mijn reputatie zoals ik bij mijn vrienden te boek sta, als kalme optimist en oplossingsgerichte bruggenbouwer. Dit ben ik, maar ik wankel snel wanneer de agonie van ons bestaan te dichtbij komt. Oplossingsgerichte bruggenbouwer, deze verzin ik overigens ter plekke. Ter promotie van mijn meest abstracte doch wezenlijke competentie. Laat dit dan, naast een beleving uit velen, ook maar een open sollicitatie zijn, gericht aan hen die dit lezen zullen.

Wat rest mij immers nog? Niet de bijstand maar het woord, zal mijn laatste vangnet zijn. Moge dit mijn en mogelijk andermans redding zijn, opdat wat eerst als wapen diende om mij te wreken, zachtzinnig zal leiden tot bemoedigende verandering.

 

Liefs, Hoegaatie?

Bron: Vacatureluurs 20-05-2013

Tweet about this on TwitterShare on LinkedIn0Share on Facebook0Share on Tumblr0Share on Google+0Pin on Pinterest0Email this to someonePrint this page

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *